direct naar inhoud van 3.2 Provincie
Plan: Panovenweg Dr. Slotlaan
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1859.BPBGB20090021-0100

3.2 Provincie

STREEKPLAN GELDERLAND 2005: KANSEN VOOR DE REGIO'S

Het streekplan voorziet in een integrale herziening van het vigerende ruimtelijke beleid van de provincie Gelderland.

Dit streekplan is er op gericht de verschillende functies in regionaal verband een zodanige plek te geven dat de ruimtelijke kwaliteiten worden versterkt en er zuinig en zorgvuldig met de ruimte wordt omgegaan. Om de afstemming met regionale ontwikkelingen te optimaliseren is dit streekplan mede gebaseerd op regionale structuurvisies die zijn aangeleverd door de Gelderse regio's.

Concrete doelstellingen voor de komende jaren zijn onder andere:

- het bevorderen van sterke stedelijke netwerken en regionale centra;

- het versterken van de economische kracht en de concurrentiepositie van Gelderland;

- het bevorderen van een duurzame toeristische-recreatieve sector in Gelderland met een bovengemiddelde groei;

- het versterken van de vitaliteit van het landelijk gebied en de leefbaarheid van daarin aanwezige kernen;

- het verbeteren van de waardevolle landschappen en het realiseren van de Ecologische Hoofdstructuur;

- de watersystemen veilig en duurzaam afstemmen op de veranderende wateraanvoer en –afvoer en de vereiste waterkwaliteit;

- het bewerkstelligen van een gezonde en veilige milieu(basis)kwaliteit;

- het verbeteren van de bereikbaarheid van en in de provincie;

- het bijdragen aan een evenwichtige regionaal gedifferentieerde ruimtelijke ontwikkeling, door de cultuurhistorische identiteit en ruimtelijke kenmerken als inspiratiebron te hanteren in de ruimtelijke planning.

Aan de hand van de termen groenblauwe raamwerk, rode raamwerk en het multifunctionele raamwerk wordt de gewenste ruimtelijk ontwikkeling nader ingevuld.

Het groenblauwe raamwerk

Met het groenblauwe raamwerk worden de belangrijkste natuurgebieden, landschappen, rivieren, beken en andere waterlopen in Gelderland bedoeld. De provincie beschouwt deze als een samenhangend stelsel van waardevolle gebieden die kwetsbaar zijn voor intensieve vormen van ruimtegebruik en daarom ook bescherming van de provincie behoeven.

Landschapsontwikkeling; Inspiratiebron voor denkers en doeners

In de nota 'Landschapsontwikkeling, inspiratiebron voor denkers en doeners' heeft de provincie Gelderland een visie opgesteld voor haar landschappelijke kwaliteiten en kansen. De provincie benadert daarom het landschap met de strategie 'ontwikkeling met kwaliteit'. Ruimtelijke ontwikkelingen moeten niet alleen worden afgestemd op aanwezige landschapskenmerken, maar er ook toe bijdragen dat de landschappelijke samenhang en toegankelijkheid verbeteren. Het streekplan benoemt de hoofdlijnen, het landschapsboek licht deze slechts toe. In het Landschapsboek wordt het gebied aangeduid als 'Berkelvlak' en als volgt toegelicht:

Binnen een aantal randvoorwaarden is er in Berkelvlak voldoende ruimte voor vernieuwing. De randvoorwaarden zijn: het behouden van de kleinschaligheid, de openheid van het Berkeldal en het contrast tussen die twee. Ook het behoud van mooie ensembles, zoals de landgoederen en de broekgebieden en essen, is een randvoorwaarde. Vergroting van het contrast verhoogt de belevingswaarde. De kleinschalige delen van het landschap kunnen nog kleinschaliger gemaakt worden door beplanting. De aanleg van de ecologische verbindingszones zal de afwisseling in het landschap vergroten. Dat kan ook recreatie en toerisme aantrekken. Op de hoge delen is ruimte voor functieverandering; daar kan vanuit het landschap gezien ook nog worden gebouwd, bijvoorbeeld voor hoogwaardige recreatie. De Achterhoek wordt gekenmerkt door een zwerm van kleine bebouwingsclusters. Als er meer wordt gebouwd zou een beperkt aantal buurtschappen uit kunnen groeien tot nieuwe dorpsclusters, liefst op de hogere delen langs de beken. In het landbouwontwikkelingsgebied is aandacht voor de architectuur van de nieuwe (clusters van) boerderijen van belang. Vorm, materiaal en kleur kunnen een streekeigen identiteit genereren. Belangrijk is te bezien hoe de landbouw en andere grondgebruikers, het landschap kunnen blijven beheren.

Plan

Het plangebied is gelegen op het platteland. De voorgenomen ontwikkeling draagt bij aan het versterken van de economische kracht en de vitaliteit van het platteland. Het groenblauwe raamwerk wordt verbeterd door het versterken van de landschappelijke samenhang. De voorgenomen ontwikkeling is passend binnen het streekplan Gelderland.

GEBIEDSPLAN NATUUR EN LANDSCHAP 2006

Het doel van het gebiedsplan is het versterken van natuur, bos en landschap in de provincie Gelderland. Dit plan geeft voor de gehele provincie aan welke natuur-, bos- en landschapsdoelen Gedeputeerde Staten willen realiseren met de inzet van de Subsidieregeling Agrarisch Natuurbeheer en de Subsidieregeling Natuurbeheer.

Gedeputeerde Staten streven er naar om de in dit plan aangegeven natuurdoelen uiterlijk in 2018 te realiseren. Bij doelen die een lange ontwikkeltijd hebben, dient voor 2018 een begin te zijn gemaakt met de ontwikkeling van deze doelen.

Kernkwaliteiten Oost-Gelderland

- De beken met hun landschappelijke, ecologische en hydrologische samenhang met hun omgeving. In het bijzonder: Lindense laak en Heksenlaak in de Graafschap, de Winterswijkse beken en de beken op de rand van het Oost-Nederlandsplateau.

- De samenhang en verbindingen tussen de grote Oost-Gelderse natuurkernen via kleinere rivieren en beken en de daaraan gekoppelde ecologische verbindingszones: Dortherbeek, Buursebeek, Berkel, Groenlose slinge, Veengoot, Baakse beek, Boven Slinge/Bielheimerbeek en Oude IJssel.

- De verbinding tussen de restanten van (natte) heideterreinen, heischrale terreinen en blauwgraslanden binnen de Graafschap (met bijvoorbeeld Groote veld, Beekvliet) en Winterswijk (met bijvoorbeeld Wooldse veen en Korenburgerveen) door het middengebied van de Achterhoek (met Lievelderveld, Koolmansdijken, Nijkampsheide, Konijnendijken).

- Het vanuit ecologisch opzicht samenhangend geheel van landgoederen, natuurgebieden, bossen, beken en landschapselementen in het kleinschalige agrarisch cultuurlandschap waarvan soorten als de das, amfibieën en vleermuizen afhankelijk zijn.

Ontwikkelingsopgaven Oost-Gelderland

- Het herstellen van de ecologisch waardevolle beken en het herstellen en ontwikkelen van kwelafhankelijke vegetaties in de beekdalen in de EHS.

- Het tot stand brengen van een grote kern bos op rijke grond in Leestense broek-Hackfort.

- Het uitbreiden en hydrologisch herstel van de heide- en schraallandreservaten, zodat robuuste, duurzame eenheden ontstaan.

- Het ontwikkelen van een grote natuurlijke eenheid in het Groote veld, in Korenburgerveen-Mentink en op Montferland.

- Het opheffen van versnippering door de wegen in Montferland.

- Het terugdringen van stikstofdepositie op natuurterreinen en stikstof- en fosfaatbelasting van beken en andere wateren.

- Het vergroten van de ecologische samenhang binnen de Graafschap en Winterswijk door de realisatie van nieuwe natuur, herstel en aanleg van landschapselementen, kleinschalige natuurontwikkeling en het nemen van hydrologische herstelmaatregelen op landschapsschaal.

- Het aanleggen van natte landschapselementen voor amfibieën (met name in het middengebied ook buiten de EHS).

- Het verbinden van de belangrijkste natuurkernen (met name Graafschap, Hummelo-Keppel/Slangenburg, Montferland, Needse Achterveld e.o., en Winterswijk) door het realiseren van ecologische verbindingszones en robuuste verbindingen (Veluwe – Duitsland door de Achterhoek, Veluwe - Reichswald door de Liemers). Met name de verbindingen in verstedelijkende gebieden zoals rond A1 en A/N18, bij Doetinchem en in de Stedendriehoek (Zutphen, Lochem) liggen onder druk, de realisatie behoeft de nodige aandacht.

- Het herstel van verdroogde natuurterreinen.

Plan

De voorgenomen ontwikkeling voorziet in het versterken van het landschap en past binnen het gebiedsplan natuur en landschap.