direct naar inhoud van 6.7 Luchtkwaliteit
Plan: Panovenweg Dr. Slotlaan
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1859.BPBGB20090021-0100

6.7 Luchtkwaliteit

Sinds 15 november 2007 is de 'Wet luchtkwaliteit' in werking getreden. De kern van de Wet bestaat uit de (Europese) luchtkwaliteitseisen. De uitvoeringsregels behorende bij de Wet zijn vastgelegd in algemene maatregelen van bestuur (AMvB) en ministeriële regelingen (mr), die gelijktijdig met de Wet luchtkwaliteit in werking zijn getreden. Met de nieuwe Wet luchtkwaliteit en bijbehorende bepalingen en hulpmiddelen, wil de overheid zowel de luchtkwaliteit verbeteren als ook de gewenste ontwikkelingen in ruimtelijke ordening doorgang laten vinden.

De Wet luchtkwaliteit heeft een systeem ontworpen waarbij 'niet in betekenende mate' (ofwel NIBM), een belangrijke toetssteen is bij het beoordelen van (ruimtelijke) ontwikkelingen. Voor de periode tussen het in werking treden van de Wet luchtkwaliteit en het verlenen van toestemming door de EU is het begrip NIBM gedefinieerd als 1% van de grenswaarde NO2 en PM10. Daarna volgt een ophoging van 1% naar 3%. Toelichting: een NIBM van 1% betekent bij de norm voor fijn stof van 40 µg/m3 dat er een toename van fijn stof mag zijn van 0,4 µg/m3. Dit komt ongeveer overeen met 100 woningen.

Het is niet aannemelijk dat de herontwikkeling leidt tot een negatief effect op de luchtkwaliteit. Indien het al een negatief effect heeft, dan zal dit effect zeer beperkt zijn.

Onderzoek

Er is een indicatieve berekening uitgevoerd naar de luchtkwaliteit. Daarbij is gebruik gemaakt van het CAR II model, v7.0.1 (Calculation of Airpollution Road-traffic). Dit model is het meest recente model en ontwikkeld in opdracht van het ministerie van VROM (versie, april 2008).

In het onderzoek naar de luchtkwaliteit is de nieuwe ontwikkeling getoetst aan de grenswaarden uit het Besluit luchtkwaliteit 2005. In het luchtonderzoek is conform de Wet luchtkwaliteit gekeken naar stofconcentraties van stikstofdioxide (NO2) en zwevende deeltjes ofwel fijn stof (PM10).

Bij de berekening van de luchtkwaliteit is de bijdrage van het verkeer en de achtergrondconcentratie bij elkaar opgeteld. Verkeersgegevens voor de Panovenweg zijn niet beschikbaar. Er is uitgegaan van 2.000 motorvoertuigen per etmaal. Dit lijkt een overschatting van de situatie (worstcase).

In onderstaande tabellen is weergegeven of de luchtkwaliteit voldoet aan de grenswaarden voor de stoffen stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10).

Situatie 2010
 
Stikstofdiocide (NO2)   Fijn stof (PM10)  
incl. planbijdrage   Voldoet   Voldoet  

Situatie 2018
 
Stikstofdiocide (NO2)   Fijn stof (PM10)  
incl. planbijdrage   Voldoet   Voldoet  

De concentratie fijn stof (jaargemiddelde) is in 2008 circa 17 µg/m3 lager en het aantal overschrijdingen is 6 keer minder dan de grenswaarde. Voor stikstof liggen de concentraties nog gunstiger.

Het onderzoek wijst uit dat binnen het plangebied ruimschoots wordt voldaan aan de eisen gesteld in de Wet luchtkwaliteit. Ook zal de nieuwe ontwikkeling niet leiden tot een (in betekende mate) verslechtering van de luchtkwaliteit elders. De conclusie is dan ook dat voor wat betreft het aspect 'luchtkwaliteit' het plan voldoet aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening.